Veelgestelde vragen
Klik op de vraag om het antwoord te lezen.
Komt uw vraag niet voor, neem dan contact met ons op.
Ja, dat kan. U kunt praten met uw huisarts of met de hulpverleners van uw vrouw. U kunt met uw verhaal ook terecht bij de familievertrouwenspersoon (fvp). Verder zijn er verschillende lotgenotengroepen voor familie en naastbetrokkenen van mensen met een psychiatrische ziekte. De fvp kan u daar informatie over geven.

Hulpverleners en behandelaren moeten zich houden aan de regels voor privacy. Zij mogen u niets vertellen over de behandeling van uw zus, als uw zus dat niet wil. Dat is voor u als familielid of naastbetrokkene niet gemakkelijk. U kunt uw zorgen bespreken met de behandelaar en hem vragen wat u kunt doen. U kunt ook advies krijgen van de familievertrouwenspersoon (fvp).

Veel instellingen organiseren cursussen en bijeenkomsten voor familieleden en naastbetrokkenen van cliënten. Daar krijgt u informatie over de ziekte en de behandeling. En tips voor het omgaan met een familielid of naaste met een psychiatrische ziekte. Er zijn ook landelijke organisaties waar u terecht kunt voor informatie of een steuntje in de rug. De familievertrouwenspersoon (fvp) kan u daar meer over vertellen.

Dat gebeurt alleen als uw vader daar toestemming voor geeft. De familievertrouwenspersoon (fvp) kan u meer vertellen over het familiebeleid en de regels van de instelling. Hij kan u ook helpen om contact te leggen met de behandelaar.

U kunt dit het best bespreken met de hulpverlener of behandelaar over wie u ontevreden bent. Komt u er samen niet uit, dan kan de familievertrouwenspersoon (fvp) bemiddelen.

Dat kan als uw vriend daar geen bezwaar tegen heeft. De familievertrouwenspersoon (fvp) kan u helpen om contact te leggen met de behandelaar. Ook kan hij u bijstaan tijdens het gesprek.
