Over de LSFVP

LSFVP-jaarverslag 2016: er gaat veel goed, maar nog niet alles

“Familie en naasten in de ggz hebben de tijd mee: de Inspectie, de Tweede Kamer én de beroepsgroep willen dat naasten worden betrokken en gehoord. Reden te meer om aan de bel te trekken als het niét gebeurt.” Dat zegt directeur Rob Jongejans in het jaarverslag 2016 van de LSFVP.

In dit jaarverslag leest u de signalen van familievertrouwenspersoon over de ggz en de problemen die naasten daarin tegenkomen. Daarnaast vindt u in het jaarverslag informatie over onze organisatie en het project ‘Familievertrouwenswerk in het sociaal domein’.

De publieksversie van ons jaarverslag is bedoeld voor iedereen die meer wil weten over de ggz en de positie van familie en naasten. Lees de publieksversie van het LSFVP-jaarverslag 2016 >

Voor ggz-professionals en beleidsmakers is ook een meer uitgebreide versie beschikbaar. Lees het LSFVP-jaarverslag 2016 voor ggz-professionals en beleidsmakers >

Over de LSFVP, Uitgelicht

Roxanne Vernimmen in bestuur LSFVP

Roxanne Vernimmen is voorzitter van de raad van bestuur van Altrecht en sinds kort ook bestuurslid bij de LSFVP. Ze noemt die stap een vanzelfsprekendheid. “Familie is een thema van me. Altrecht kreeg als eerste instelling een LPGGz-ster voor familiebeleid én ik was voorzitter van de werkgroep die de nieuwe generieke module Naasten opstelde. Dus dat telefoontje van de LSFVP zat zó in de lijn, dat ik geen nee kon zeggen.”

“Ik denk dat hulpverleners wel weten dat familie en naasten er echt toe doen en nodig zijn, maar het is nog niet zo gemakkelijk om dat praktisch te regelen. Krijg bijvoorbeeld maar eens alle partijen aan tafel op het juiste moment. En als de cliënt niet wil dat de familie betrokken wordt, wat doen je dan? Hoe houd je de vertrouwensband met de cliënt in takt terwijl je je ook om de familie bekommerd? Dat is best ingewikkeld.

De generieke module Naasten is wat dat betreft een doorbraak. Die zegt: je moet familie of naasten altijd bij de behandeling betrekken. Je mag bepaalde informatie niet doorgeven, maar dat is iets anders dan dat je de familie er niet bij betrekt op de een of andere manier. Dat is een stap die tien jaar geleden binnen de ggz nog niet genomen werd. Toen werd er gezegd: de cliënt wil het niet, dus onze handen zijn geboeid. Feitelijk was dat niet zo, maar zo werd er wel mee omgegaan.

De LSFVP wordt wel eens gezien als een club die alleen voor familie en naasten opkomt. Maar dat doen we ten gunste van de behandeling en het herstel van de cliënt. Op het moment suprême is er bij cliënten vaak de angst: voor wie is de hulpverlener, voor mij of voor mijn familie? Maar als ze weer in een andere fase zitten, realiseren ze zich vaak wat familie voor ze kan betekenen. Ik hoop dat de generieke module dat op zijn minst bespreekbaar maakt.”

[Foto: vanderleefotografie]

 

Over de LSFVP

Nieuw: LSFVP-brochure voor hulpverleners in de ggz

Hulpverleners weten niet altijd wat ze van de familievertrouwenspersoon kunnen verwachten. Wat doet een familievertrouwenspersoon precies? Wat zijn de professionele kaders waarbinnen hij of zij werkt? U leest het in onze nieuwe informatiebrochure voor hulpverleners in de ggz.

De brochure geeft hulpverleners informatie over:

  • het belang van familie en naasten voor behandeling en herstel
  • de ondersteuning die de familievertrouwenspersoon biedt
  • de professionele kaders van de familievertrouwenspersoon
  • de samenwerking van hulpverleners met de familievertrouwenspersoon en de LSFVP.

Bekijk of download de LSFVP-informatiebrochure voor hulpverleners in de ggz >

Brochures bestellen?

Stuur een mail naar info@lsfvp.nl met uw naam en adres en het aantal brochures dat u wilt ontvangen. De brochures worden u kosteloos toegestuurd.

Over de LSFVP

Project Sociaal Domein van start

De LSFVP start met familievertrouwenswerk in het sociaal domein. Dat betekent dat ook familie en naastbetrokkenen van cliënten die niet in zorg zijn bij een ggz-instelling aanspraak kunnen maken op de ondersteuning van een familievertrouwenspersoon.

Lees ons persbericht van 27-10-2016 >

Het Project Sociaal Domein start in twee proeftuinregio’s:

  • Rotterdam-Den Haag e.o.
  • Midden-Zuid-Limburg

In de regio Noord-Holland-Noord is familievertrouwenswerk in het sociaal domein al een feit sinds 2007.

Naar de projectinformatie >

Beleidsmakers over familievertrouwenswerk in het sociaal domein

Rob Laane, senior inkoper VGZ: “De verantwoordelijkheden van de verschillende domeinen waar cliënten zorg en ondersteuning vinden, zijn de laatste jaren behoorlijk versplinterd. Het is belangrijk dat het totale veld op een eenduidige manier wordt afgedekt.” Lees het interview met Rob Laane >

Marijke Vellekoop, beleidsmedewerker gemeenten GGZ Noord-Holland-Noord: “Juist in het sociale domein is ondersteuning van de familie hard nodig.” Lees het interview met Marijke Vellekoop >

Ervaringen van familie in het sociaal domein

Michael Brevius: “Via de advies- en hulplijn van de LSFVP raakte ik in gesprek met een familievertrouwenspersoon. Die wist merkbaar waar ik het over had,  was bekend met het ziektebeeld van mijn zus en met de procedures in de ggz.” Lees de ervaringen van familie in het sociaal domein >

Algemeen, Over de LSFVP

Jaarverslag LSFVP 2015

Bekijk hier het LSFVP-jaarverslag 2015 in pdf om te printen of downloaden

Inhoud

Woord vooraf >
Familievertrouwenswerk in het sociaal domein >
Personeelsvereniging >
Klachtencommissie Familievertrouwenspersonen >
LSFVP-conferentie >
Familievertrouwenswerk in cijfers >
Samenstelling bestuur >

 

Woord vooraf

Belangen van familie in de ggz staan onder druk

Het belangrijkste wapenfeit van de LSFVP in 2015? Het besluit tot uitbreiding van het familievertrouwenswerk naar het sociaal domein. Met de nieuwe zorgtaken van de gemeente is er een extra speler bijgekomen in de ggz en dat maakt de positie van familie en naastbetrokkenen er niet duidelijker op. Het blijft dus belangrijk om de belangen van familie en naastbetrokkenen te behartigen. In een psychiatrische instelling doet de familieraad dat, maar het is voor die raden ondoenlijk om gesprekspartner te zijn voor elke gemeente. Daar hebben ze gewoonweg de mankracht niet voor. De familievertrouwenspersoon kan daar echt het verschil maken.

De oprichting van de personeelsvertegenwoordiging is ook een belangrijke ontwikkeling. Hierdoor zijn medewerkers veel directer betrokken bij de beleidskeuzes die we maken als directie en bestuur. Dat kweekt niet alleen begrip over en weer, we profiteren ook van elkaars kennis en deskundigheid. Met de uitdaging van het sociaal domein in het vooruitzicht, is dat meer dan welkom.

Het is soms moeilijk voor te stellen dat de LSFVP pas bestaat sinds 2010. We hebben het in vijf jaar tijd voor elkaar gekregen om een landelijk dekkend netwerk van familievertrouwenspersonen te realiseren. Voor mij als voorzitter een reden om tevreden, zelfs trots te zijn op deze organisatie.

Rudi Rikken
voorzitter raad van bestuur
juli 2016

 

2015, voorbereiding familievertrouwenswerk in het sociaal domein

De familievertrouwenspersoon in het sociaal domein

Meer verwarde mensen op straat, wachtlijsten in de ggz en overbelaste mantelzorgers – de LSFVP maakt zich grote zorgen over deze ontwikkelingen. De advies- en hulplijn van de LSFVP krijgt bovendien steeds vaker vragen vanuit het sociaal domein en de basis-ggz. Reden voor de LSFVP om de mogelijkheden te onderzoeken om ook deze doelgroep te ondersteunen.

Foto: Nationale Beeldbank

Op mantelzorgers wordt een steeds groter beroep gedaan. Steeds meer cliënten blijven thuis wonen tijdens hun behandeling. Ook groeit de groep mensen met psychiatrische problemen die zijn aangewezen op eerstelijnszorg bij de huisarts of de psycholoog, die op een wachtlijst staan of die (nog) géén zorg ontvangen. Dat maakt de positie van familie en naastbetrokkenen kwetsbaar. De zorg is ingewikkeld geworden, er zijn steeds meer partijen bij betrokken: de Wmo-consulent, het sociale wijkteam, de praktijkondersteuner-ggz, het (F)ACT-team, de mantelzorgondersteuner. Vind dan als mantelzorger maar eens de juiste specialistische hulp voor je zoon, vriend of buurvrouw.

De familievertrouwenspersoon krijgt nu al veel vragen van sociale wijkteams, Wmo-consulenten en mantelzorgorganisaties. Deze mantelzorgondersteuners zijn niet altijd deskundig op het gebied van psychiatrische aandoeningen, behandeling en herstel. Dat is ook logisch: ieder zijn vak. Maar daardoor stijgt het aantal mensen met psychiatrische problemen dat niet de zorg ontvangt die zij nodig hebben en raken familieleden en naastbetrokkenen die optreden als mantelzorger vaker overbelast.

In 2014 onderzocht de LSFVP samen met de Vaste Kamercommissie Volksgezondheid en het Ministerie van VWS de mogelijkheden om het familievertrouwenswerk ook toegankelijk te maken voor familie in de Wmo en de basis-ggz. In 2016 start de LSFVP in twee regio’s een proef met deze dienstverlening. De plannen daarvoor zijn uitgewerkt in 2015.

 

2015, het eerste jaar van de personeelsvertegenwoordiging

Afstand overbruggen

Sinds eind 2014 heeft de LSFVP een personeelsvertegenwoordiging. Die behartigt de belangen van de medewerkers, maar uiteindelijk ook die van de LSFVP. ‘Wat goed is voor medewerkers, is goed voor de organisatie’, meent voorzitter Joke van de Veer.

‘Als personeelsvereniging vormen we een brug tussen de medewerkers en de directie. We denken mee over de ontwikkeling van de organisatie en hoe je medewerkers daarbij betrekt. In 2015 namen we het initiatief voor een onderzoek naar werkdruk en werklast onder de familievertrouwenspersonen. Daaruit bleek dat vooral het cliëntregistratiesysteem en de jaarverslagen voor de afzonderlijke instellingen veel tijd vergen. Dat is een aandachtspunt voor 2016.

‘De afstanden in onze organisatie zijn groot: de familievertrouwenspersonen werken in ggz-instellingen verspreid over heel Nederland en het landelijk bureau zit in Utrecht. Je ziet elkaar zo weinig. Wij horen als collega-familievertrouwenspersonen soms meer dan het landelijk bureau en kunnen het dan vertalen. Zo slaat de personeelsvertegenwoordiging ook een brug tussen de familievertrouwenspersonen onderling en tussen de familievertrouwenspersonen en het landelijk bureau.’

De personeelsvertegenwoordiging bestaat uit drie personen, vergadert acht keer per jaar en overlegt vier keer per jaar met de directeur. Ook informeert ze vier keer per jaar haar achterban.

 

2015, het eerste jaar van de Klachtencommissie Familievertrouwenspersonen

Afstand bewaren

Wie een klacht heeft over het functioneren van een familievertrouwenspersoon, kan terecht bij de Klachtencommissie Familievertrouwenspersonen. De leden van deze commissie hebben geen binding met de LSFVP. Voorzitter Paul Gevaerts vindt die onafhankelijke blik cruciaal, ook voor de LSFVP zelf.

‘De meeste mensen voelen zich goed geholpen door de familievertrouwenspersoon, maar er kan altijd frictie ontstaan. Iemand kan bijvoorbeeld vinden dat de familievertrouwenspersoon meer voor hem of haar had moeten doen. Dan gaat het over de reikwijdte van de dienstverlening van je organisatie. Daar zijn kaders voor, maar hoe interpreteer je die? Het is belangrijk dat een onafhankelijke instantie met kennis van zaken daar een oordeel over geeft en onderbouwd kan zeggen hoe ver je ondersteuning moet gaan.

‘De organisatie profiteert daar ook van. Een uitspraak van de klachtencommissie geeft richting aan de toekomst. Klachten die bij de klachtencommissie terechtkomen vragen bijna in alle gevallen om essentiële uitspraken over de interpretatie van (gedrags)regels. De uitspraak van de commissie kan dan aanleiding zijn om daar opnieuw over te praten.’

De LSFVP neemt klachten serieus en hecht aan het aanbieden van een klachtencommissie, ook al is ze daar wettelijk niet toe verplicht. De klachtencommissie werd ingesteld in 2014 en trad in werking in 2015. De commissie ontving in 2015 geen klachten. Wie een klacht heeft, kan die natuurlijk ook bespreken met de familievertrouwenspersoon in kwestie of met de directeur van de LSFVP.

Meer over de klachtenprocedure van de LSFVP >

 

LSFVP-conferentie 2015

De cliënt is er het meest bij gebaat als de drie partijen in de triade hun rol goed vervullen.

Dat is een van de uitkomsten van de mini-conferentie die de LSFVP organiseerde in september 2015. Onder leiding van Cees Grimbergen spraken ggz-professionals, beleidsmakers en familievertrouwenspersonen over de rol en de positie van de familievertrouwenspersoon in de ggz.

Meer over de conferentie, verslag en interviews >

 

Familievertrouwenswerk 2015 in cijfers

Aantal bij de LSFVP aangesloten instellingen: 100
Formatie familievertrouwenspersonen in fte: 15,1
Aantal behandelde casussen: 1962

Meest voorkomende hulpvraag van familie en naastbetrokkenen:

  • behoefte aan informatie en advies
  • ontevreden met de zorg of de behandeling van de cliënt

Meest voorkomende hulpaanbod van de familievertrouwenspersoon:

  • informeren en adviseren
  • bemiddelen in de communicatie met de instelling, behandelaar of hulpverlener

 

Samenstelling bestuur op 31 december 2015

Rudi Rikken (voorzitter), namens de ggz-familieorganisaties
Titia Feldmann (vicevoorzitter), namens de ggz-cliëntenorganisaties
Jeroen Muller, namens GGZ Nederland
Marij de Roos, namens de familievertrouwenspersonen
Rob Laane, namens de verzekeraars
Peter Glasbeek, namens de gemeenten

 

Colofon | Tekst: Irene van Hooren | Fotografie: Nationale Beeldbank | LSFVP juli 2016

Over de LSFVP

Familievertrouwenspersoon ook voor familie in ambulante zorg

Minister Schippers ziet de toegevoegde waarde van familievertrouwenswerk binnen gemeenten. Schippers: “Ik deel de opvatting dat met het oog op de eigen regie en steun vanuit de eigen omgeving, het van belang is om het familievertrouwenswerk te verbreden. Dit sluit aan bij het beleid om mensen zo veel mogelijk in hun eigen omgeving op te vangen en te behandelen.”

Kamerleden de Lange (VVD) en Tanamal (PVDA) dienden een amendement in op de begroting van minister Schippers om familievertrouwenswerk in het sociaal domein mogelijk te maken. Minister Schippers (VWS) verhoogt twee jaar de subsidie voor de Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen om naasten van psychiatrische patiënten te helpen goede mantelzorg te bieden in samenwerking met gemeentelijke voorzieningen en zo nodig een brug te slaan naar de specialistische zorg.

In 2020 woont een derde van de patiënten uit het psychiatrisch ziekenhuis thuis. Ook nu al is deze uitstroom aan de orde. Patiënten zijn echter vaak minder zelfredzaam dan verwacht. Familie ziet nu vaak dat patiënten terugvallen en dat het niet lukt om goed te herstellen. Ook kortdurende opnames bij een crisis zijn zelden mogelijk. Mantelzorgers zijn vaak overbelast en het lukt niet om de lokale ondersteuning goed te organiseren. Om deze ambulante zorg te laten slagen is het nodig dat lokale zorg en gemeentelijke voorzieningen aansluiten op behandeling en herstel. De beslissing van de minister houdt in dat familievertrouwenspersonen verbonden aan de LSFVP in 2016 ook onafhankelijk advies en ondersteuning kunnen bieden aan familie die is aangewezen op zorg in het sociaal domein.

Over de LSFVP

Conferentie LSFVP 2015: triadegericht werken

Is de familievertrouwenspersoon een intermediair, een counselor of een belangenbehartiger? Wat verwachten familieorganisaties, behandelaren en patiëntenvertrouwenspersonen van de familievertrouwenspersoon? En hoe kan de familievertrouwenspersoon het beste opkomen voor familie en naastbetrokkenen? Deze vragen kwamen op 24 en 25 september 2015 aan bod in de conferentie van de Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen (LSFVP).

Cees GrimbergenConferentie LSFVP 2015 3
Conferentie LSFVP 2015 1Conferentie LSFVP 2015 2

Familievertrouwenspersonen in de geestelijke gezondheidszorg ondersteunen familieleden en naasten van ggz-cliënten. “De triade”, de driehoek cliënt – behandelaar – familie, speelt een centrale rol in het vertrouwenswerk. Het ligt dan ook voor de hand dat triadegericht werken een prominente plaats krijgt in de methodiek en werkwijze van de familievertrouwenspersoon. Onder de inspirerende leiding van Cees Grimbergen spraken de medewerkers van de LSFVP en een aantal genodigden over de wenselijkheid daarvan.

Voorafgaand aan de conferentie sprak Cees Grimbergen met drie van de sprekers over hun visie op de rol en de positie van de familievertrouwenspersoon:

‘Geef familie meer stem in de behandeling.’
Bekijk het interview met Roxanne Vernimmen, bestuursvoorzitter Altrecht >

‘Familie en hulpverlening dichter bij elkaar brengen.’
Bekijk het interview met Bert Stavenuiter, directeur Ypsilon >

‘De rol van familie in de ggz wordt steeds groter en complexer.’
Bekijk het interview met Nannie Flim, directeur/bestuurder Stichting PVP >

‘Het mag best schuren’

Er was in de conferentie ruim tijd ingeruimd voor de stem van belanghebbenden. Bert Stavenuiter van familieorganisatie Ypsilon ziet de familievertrouwenspersoon als de vooruitgeschoven post van de familie. De familievertrouwenspersoon kent de organisatie en de familie en bouwt zo een brug tussen beide partijen. Dat vraagt volgens Stavenuiter ook om stellingname. Hij vindt het niet erg als het af en toe ‘schuurt’, want dat maakt de hulpverlening alleen maar beter.

Ook Roxanne Vernimmen, bestuursvoorzitter van ggz-instelling Altrecht, meent dat een organisatie leert van kritische vragen. Ze verwacht van de familievertrouwenspersoon dat die zich actief bemoeit met het familiebeleid van de instelling. De familie heeft veel waardevolle kennis over de cliënt, maar wordt nog lang niet altijd gehoord. De familievertrouwenspersoon stelt zich wat haar betreft partijdig op; alleen zo kan hij de familie effectief een stem geven in de behandeling.

Cliënt gebaat bij heldere rollen

Nannie Flim van de Stichting PVP vergelijkt de familievertrouwenspersoon met de patiëntenvertrouwenspersoon, die zich vanwege zijn juridische functie puur partijdig opstelt. Ze ziet voor de familievertrouwenspersoon meer bewegingsruimte, mits de rollen niet vervagen: ‘De patiëntenvertrouwenspersoon benadrukt het belang van de cliënt, de familievertrouwenspersoon benadrukt het belang van de familie en de behandelaar neemt die geluiden mee in zijn afweging wat voor de cliënt de beste behandeling is. Als we alle drie onze rol in de triade goed vervullen, wordt de cliënt daar uiteindelijk beter van – ik denk dat dat wel eens het geheim van triadegericht werken zou kunnen zijn.’

Het belang van een luisterend oor

’s Middags waren de familievertrouwenspersonen zelf aan het woord en werd gesproken over de triade, (multi)partijdigheid en de dilemma’s die daaruit voortvloeien. Dat de familievertrouwenspersoon er is voor de familie, wil niet zeggen dat hij blind doet wat de familie wil. Familieverhalen zijn eenzijdig en gaan soms over iets anders dan op het eerste gezicht lijkt. Daarom laat de familievertrouwenspersoon de familie eerst haar verhaal vertellen. Deze ‘counseling’ heeft een functie. Familieleden en naasten hebben vaak al een heel traject achter de rug met de cliënt. Ze zijn boos en moe, en niet meer in staat om de kluwen van verdriet en frustratie te ontwarren. Door goed naar hun verhaal te luisteren, helpt de familievertrouwenspersoon de vraag te verhelderen: dit gedeelte is rouw en dit is het aandeel van de instelling in het probleem.

De praktijk is weerbarstig

De LSFVP groeide sinds haar oprichting in 2010 uit tot een professionele organisatie voor vertrouwenswerk met een landelijke dekking. De meeste ggz-instellingen maken gebruik van de diensten van de familievertrouwenspersoon. Maar familie vanzelfsprekend betrekken van de behandeling, zover is het nog niet. In de behandelkamers zitten concepten als privacy en autonomie van de cliënt het familiebeleid in de weg. Veel hulpverleners en behandelaars zijn bovendien onvoldoende geschoold in het omgaan met familie en naasten. Ze kunnen zich daardoor overvraagd voelen door de familievertrouwenspersoon.

Rob Jongejans, directeur van de LSFVP, erkent dat de positie van de familievertrouwenspersoon in de triade complex is. Het laatste woord is er ook nog niet over gezegd; de conferentie was het startschot voor een interne discussie en een dialoog met het veld. ‘Ik stel voor om elkaars rol als partners in de triade volledig te erkennen en het gunstige effect van de stem van de familie en de bijdrage van de familievertrouwenspersoon op het behandelresultaat van de cliënt, voor zich te laten spreken.’

 

Over de LSFVP

Meer vragen aan familievertrouwenspersoon in 2014

Vandaag verscheen ons jaarverslag 2014.  Daarin leest u welke activiteiten we in 2014 ondernamen en tot welke resultaten dat heeft geleid. Er werd vaker een beroep gedaan op de familievertrouwenspersoon.

Meer hulpvragen, complexere problematiek

In 2014 behandelden onze familievertrouwenspersonen 1940 casussen, maar liefst 30% meer dan in het jaar daarvoor. Een mogelijke verklaring is de grotere bekendheid en betere bereikbaarheid van de familievertrouwenspersoon – het aantal bij de LSFVP aangesloten instellingen is opnieuw toegenomen. Opmerkelijk is dat de casuïstiek vaker een ernstig karakter heeft. Dat kan te maken hebben met het feit dat steeds meer cliënten ambulant worden behandeld. Familie en naastbetrokkenen komen daardoor vaker onder grote druk te staan.

Het wie, wat en hoe van familievertrouwenswerk

Om meer inzicht te krijgen in het familievertrouwenswerk, namen we in 2014 een digitaal registratiesysteem in gebruik. Hiermee brengen we het profiel van de hulpvrager, de aard van de hulpvragen en het hulpaanbod van de familievertrouwenspersoon in kaart. De registratie is anoniem. We gebruiken de gegevens om trends zichtbaar te maken en onze dienstverlening te verbeteren. Ook hopen we onderzoek te stimuleren naar de specifieke problemen en behoeften van familie en naastbetrokkenen in de ggz.

Nulmeting 2014

In 2014 zijn de meeste hulpvragers moeder (36%) of partner (16%) van een cliënt. De hulpvragen die het meest voorkomen zijn ‘vraag om informatie/advies’ (34%) en ‘ontevreden met de zorg/behandeling’ (26%). In 35% van de gevallen kan de fvp volstaan met het geven van informatie en advies. Ook biedt de fvp vaak een steunend contact (20%) en bemiddeling bij communicatie (19%). Van de betrokken cliënten is meer dan de helft in zorg bij de volwassenenpsychiatrie (54%).

Bekijk alle resultaten in het jaarverslag 2014  online >

Of download het jaarverslag in pdf >

Een gedrukt jaarverslag ontvangen?

Onze relaties ontvangen een dezer dagen per post een gedrukt exemplaar van het jaarverslag. Ontving u geen gedrukt jaarverslag of wilt u extra exemplaren aanvragen, dan kunt u mailen naar info@lsfvp.nl >

 

Over de LSFVP

Gemeenten nog onervaren in nieuwe zorgtaken

Peter Glasbeek is bestuurslid van de LSFVP. Een kennismaking.

Peter Glasbeek is jurist, manager en politicus. Hij was als wethouder verantwoordelijk voor de voorbereiding van de overgang van de langdurige zorg en de jeugdzorg naar de gemeente.

Peter Glasbeek

‘Mijn interesse gaat uit naar het versterken van de netwerken rondom zorgvragers en mantelzorgers. Dan kom je vanzelf bij de LSFVP terecht. Toen ik las dat de LSFVP bestuursleden zocht, heb ik geen moment geaarzeld.

‘Gemeenten reageren nog vaak onvoldoende op mensen met zware psychosociale problematiek; het zijn inwoners waar ze nog weinig ervaring mee hebben. Dat maakt het voor mantelzorgers lastig om met de gemeente te communiceren. Aan de andere kant zien mantelzorgers steeds meer zorgtaken op zich afkomen. De belastbaarheid van mantelzorgers heeft ook haar grenzen. Ze moeten in hun poging om grip te krijgen op de situatie goed worden ondersteund. De familievertrouwenspersoon is daar een belangrijke pijler in.

‘Ik voorzie dat het voor de gemeenten nog een uitdaging wordt om hun nieuwe taken goed uit te voeren. Dan denk ik aan het tekort aan sociale huurwoningen en de toeleiding naar werk van deze groep. Bij een gemeente wordt de focus al snel bepaald door de beschikbare middelen en dan loop je het risico dat mensen tussen wal en schip vallen. Het is voor gemeenteraden daarom heel belangrijk om de juiste signalen te krijgen of regelingen en instanties wel of niet goed functioneren. Ook daar kan de familievertrouwenspersoon een rol in spelen. In de tegenmacht.’

Maak ook kennis met bestuurslid Rob Laane >