Algemeen, Familie en naastbetrokkenen, Nieuws, Uitgelicht

CPB: Daling beschermde opvang psychische cliënten buiten de regio

15 augustus 2019,
Het aandeel cliënten met psychische problemen dat buiten de eigen regio wordt opgevangen in een beschermde woonomgeving, daalt. Sinds de decentralisatie van deze taak van het Rijk naar centrumgemeenten in 2015 gaat het om een gemiddelde daling van 20 procent. Deze afname is mogelijk een gevolg van de gewijzigde bekostiging van beschermd wonen. Centrumgemeenten ontvangen namelijk geen extra budget bij instroom van buiten de eigen regio. Het doel van deze manier van bekostiging is om tot een betere afweging te komen tussen de inzet van beschermd wonen en lichtere vormen van begeleiding. Een mogelijk gevolg is dat een cliënt minder gemakkelijk terecht kan in een gemeente waar diegene de best passende hulp vindt. Dit staat in de zojuist verschenen publicatie ‘Decentrale bekostiging beschermd wonen’ van het Centraal Planbureau (CPB).
Het beleid is er sinds 2015 op gericht om de beschermd-wonendoelgroep, daar waar mogelijk, zelfstandig te laten wonen en te ondersteunen met begeleiding aan huis. Dit moet de maatschappelijke participatie van deze doelgroep bevorderen. De verdere decentralisatie van beschermd wonen naar alle gemeenten per 2022 kan hierbij helpen. Alle gemeenten krijgen dan een financiële prikkel om mensen sneller te laten uitstromen uit een beschermde woonomgeving. Tegelijkertijd wordt het voor alle gemeenten financieel ongunstig om cliënten van elders op te vangen, wat het vinden van een plek buiten de eigen gemeente kan bemoeilijken. Een oplossing kan zijn om de gemeente waar de cliënt vandaan komt, mee te laten betalen.

Beschermd wonen is een specialistische woonvoorziening voor mensen met psychische, psychosociale of verslavingsproblemen. Cliënten moeten verhuizen om gebruik te maken van deze voorziening, vaak naar een locatie buiten de eigen gemeente als daar een passende plek is. Voor beschermd wonen is landelijke toegankelijkheid wettelijk vastgelegd. Dat wil zeggen dat de herkomstplaats geen criterium mag zijn bij de toegang tot een beschermd-wonenplek.

Bron: CPB

Algemeen, Nieuws, Professionals in de ggz, Uitgelicht

Akwa GGZ vernietigt historische ROM database

Begin 2019 nam Akwa GGZ op verzoek van organisaties in het veld een verarmde dataset over van Stichting Benchmark GGZ (SBG). De dataset bevatte geaggregeerde en gepseudonimiseerde ROM data tot en met 2018. In mei is deze dataset in quarantaine geplaatst. Op donderdag 8 augustus 2019 is besloten om de dataset definitief te vernietigen.

Eind mei werd vernomen dat de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) een deel van de verarmde dataset vooralsnog als persoonsgegevens beschouwt waarvoor patiënt toestemming of wettelijke grondslag benodigd is. In reactie daarop heeft Akwa GGZ de dataset in quarantaine geplaatst.

Sindsdien hebben we onderzocht welke toegevoegde waarde de oude dataset in zich heeft voor de toekomst. In de praktijk blijkt de behoefte van het veld voor inzage in de historische data sterk afgenomen. Bovendien is deze database strijdig met onze manier van werken: wij werken met gegevens waarvoor de patiënt uitdrukkelijk toestemming heeft gegeven. Dit heeft voor Akwa GGZ geleid tot het besluit om de database te verwijderen.

Hoe nu verder?

Voor continue kwaliteitsverbetering is het belangrijk dat zorgprofessionals inzicht hebben in de uitkomsten van hun behandelingen bij patiënten En dat ze deze kunnen delen met andere zorgprofessionals. In de ggz hebben zich netwerken van professionals gevormd die samen willen reflecteren, leren en verbeteren. Wij verwachten in september de infrastructuur van GGZ Dataportaal gereed te hebben als platform voor zorgprofessionals om geaggregeerde uitkomstinformatie te delen ten behoeve van verdere verbetering van de kwaliteit van zorg.

Op korte termijn ontvangen zorgprofessionals een nieuwe samenwerkingsovereenkomst en verdere documenten die het gebruik van GGZ Dataportaal mogelijk maken. Het delen van informatie gebeurt op vrijwillige basis en alleen met uitdrukkelijke toestemming van de patiënt.

Algemeen, Familie en naastbetrokkenen, Nieuws, Uitgelicht

“Help! Psychose in de familie’: nieuwe brochure van MIND Ypsilon

Als een familielid, partner of vriend een psychose krijgt, heeft dat grote gevolgen. Niet alleen voor hem of haar, maar ook voor familie en naasten. De nieuwe (online) Ypsilonbrochure ‘Help! Psychose in de familie’ geeft antwoord op veel vragen. Over de aandoening en het zorgaanbod, maar vooral over wat familie en naasten kunnen doen. Hoe ga ik om met mijn partner of zoon, hoe krijg ik contact met zijn hulpverlener, hoe blijf ik zelf overeind?
Maar ook onderwerpen als wonen, dwang en dubbele diagnose komen aan bod.

Op www.ypsilon.org/psychose kun je de brochure gratis downloaden. Je kunt ook een papieren exemplaar aanvragen.

Algemeen, Familie en naastbetrokkenen, Nieuws, Uitgelicht

Aandacht voor suïcide in de ggz

Zelfmoord in de ggz komt regelmatig voor. Circa 40% van de mensen die suïcide plegen is in zorg bij een GGZ-instelling. Een belangrijk deel van het werk van de familievertrouwenspersonen is dan ook het ondersteunen van de nabestaanden in zo’n geval. Voor nabestaanden is zo’n overlijden een enorme schok. Je denkt immers dat een opname zelfdoding voorkomt.

Radioprogramma Argos had begin juni een aflevering over zelfmoord in de ggz. In deze aflevering was veel aandacht voor de zelfdoding van Orlando, een zesentwintigjarige jongen die zich in 2016 in een kliniek van het leven heeft beroofd. Zijn ouders komen uitgebreid aan het woord. Zij gaven bij de instelling aan dat de signalen die Orlando afgaf niet serieus genomen waren, voelden zich vervolgens niet gehoord en zijn een klachtenprocedure gestart. Uiteindelijk is de instelling op de vingers getikt.

Binnen de ggz wordt hard gewerkt om het aantal suïcides terug te dringen. Ondermeer door het Suïcidepreventie Actienetwerk, SUPRANET GGZ. Dit is een netwerk van ggz instellingen, met als doel het aantal suïcides en pogingen onder hun patiënten fors terug te dringen. Ze leren van elkaar om de zorg voor suïcidale mensen te verbeteren. Dat dit werkt is in buitenlandse programma’s al aangetoond.

Lees meer over het perspectief van patiënten en naasten op suïcidepreventie in de zorg in het factsheet van 113.

 

Algemeen, Familie en naastbetrokkenen, Nieuws, Uitgelicht, Wvggz

Oefensessies Wet verplichte ggz

24 juni 2019

De afgelopen weken waren er in het hele land oefensessie over de Wet verplichte ggz (Wvggz). Deze oefensessies zijn bedoeld voor de professionals die bij de uitvoering van de wet betrokken zullen zijn. Dat is een bont gezelschap met onder meer: burgemeesters, rechters en andere medewerkers van justitie, psychiaters, politieagenten, werknemers van de inspectie, patiëntenvertrouwenspersonen en ook familievertrouwenspersonen.

Tijdens de sessies bereiden de deelnemers zich voor op de nieuwe wetgeving aan de hand van casuïstiek. Het was erg nuttig om kennis te maken met professionals uit zeer verschillende organisaties en te horen welke rol zij in een aantal specifieke situaties kunnen spelen.

Duidelijk is dat familieleden en andere naasten straks meer betrokken zullen worden bij de beslissing of verplichte zorg nodig is. Familievertrouwenspersonen gaan naasten daarbij ondersteunen. Dit kwam tijdens de sessies goed over het voetlicht.

Zie ook: De familievertrouwenspersoon en de wet verplichte ggz

Algemeen, Familie en naastbetrokkenen, Nieuws, Over de LSFVP, Uitgelicht

Onze nieuwe voorzitter Dick de Lange stelt zich voor

Een psychische ziekte. De ggz. Dat is ver weg. Dat is voor een ander.
Maar soms is het plotseling heel dichtbij.
Dan beland je opeens in een onbekende wereld en moet je opeens erkennen dat de wereld minder maakbaar is, dan je dacht.
Dat overkwam mij ook en leverde mij heel veel ervaringen op.
Emoties, soms machteloosheid of boosheid.
Teleurstellingen, maar ook weer hoop.
Blijheid als je familielid uit een dal opkrabbelt.
Bewondering bij buitengewone betrokkenheid van behandelaars, die je ook leren om om te gaan met situaties.

Vanuit die ervaringen ben ik betrokken geraakt bij de Familieraad van Rivierduinen.
Voor het herstel van een client is een actieve betrokkenheid van zijn omgeving essentieel. Samen (client, behandelaar en naastbetrokkenen) zijn we sterker.
Bij het definieren van het familiebeleid kwam de aanstelling van de FVP ook automatisch aan de orde.
Toen ontstond mijn eerste contact met de LSFVP.
Mijn contacten met behandelaren zijn altijd goed geweest, maar als je langere tijd in een Familieraad zit en meer contacten hebt, dan merk je dat dit niet altijd het geval is.
Het feit dat een instelling dit herkent en voortdurend wil verbeteren is een eerste stap.
Dat Rivierduinen uiteindelijk ook een onafhankelijke, professionele FVP wilde aanstellen was voor ons als Familieraad een belangrijke mijlpaal.
En een aantal jaren later is het geen punt van discussie meer, maar zoals het hoort in een volwassen organisatie.
De wijze waarop de FVP hun werk gedaan hebben, hebben dit mogelijk gemaakt.

Dick de Lange

Maar de wereld verandert snel.
Ambulantisering. Nieuwe wetgeving. Verschuiving van taken naar gemeenten. Andere inzichten over behandeling. Sociale media met soms ongenuanceerde meningen over verwarde personen of excessen.
De rol van de FVP zal hierdoor mee veranderen.
Met mijn ervaringen als familielid wil ik hiervoor mijn bijdrage leveren voor de LSFVP, zodat we samen kunnen werken aan herstel en vertrouwen in de toekomst.

Algemeen, Familie en naastbetrokkenen, Nieuws, Over de LSFVP, Uitgelicht

Afscheidsbrief van bestuurslid Titia Feldmann…

Wij zijn Titia zeer erkentelijk voor haar inzet in de negen (!) jaar dat zij bestuurslid was en wensen haar alle goeds. Zij blikt terug en vooruit in deze afscheidbrief:

Afscheid nemen noopt tot terugblikken. Wanneer begon ik ook weer precies als bestuurslid van de LSFVP? Ik vind de datum in een oud jaarverslag: 13 juli 2010. Ik ben inmiddels dus ‘over de datum’. Het bleek niet zo makkelijk nieuwe kandidaat-bestuurders te vinden. Maar 24 mei 2019 was echt mijn laatste bestuursvergadering, en gelegenheid tot kennismaken met twee nieuwe bestuursleden. Ik was verheugd over hun betrokkenheid en kennis van zaken.

In 2010 leidde de LSFVP een onzeker bestaan. Financiering was op projectbasis door het ministerie van VWS, René Borkus was interim-directeur en niet alle familievertrouwenspersonen (fvp’en) die verspreid over het land werkzaam waren, meestal in dienst van een instelling, zaten te wachten op aansluiting bij de nieuwe organisatie.


Titia Feldmann

René Borkus slaagde erin een basis van vertrouwen te leggen bij de fvp’en, bij het ministerie van VWS en bij de GGz instellingen. Toen de vooruitzichten positiever werden, kon een directeur worden aangesteld: Rob Jongejans en later kwam Toon Vriens als stafmedewerker. Nathalie Koeman was er in mijn beleving altijd al, als office manager die zorgde voor overzicht, rust en continuïteit.
De nieuwe directeur bracht waardevolle managementervaring mee uit een andere sector, maar begon zijn loopbaan in de ggz. Boeiend was het om te zien hoe Rob zich ontwikkelde tot een zeer betrokken leidinggevende, die door zijn grote inzet, door goed te luisteren, door er te zijn voor alle medewerkers en het gesprek aan te gaan, het vertrouwen wist te winnen van de fvp’en. Toon Vriens, die veel ggz-ervaring meebracht vanuit zijn Pandora-verleden, zette een (bij)scholingsprogramma op en organiseerde intervisiegroepen. Er kwam een methodiekboek tot stand, door gezamenlijke inzet van fvp’en en staf. Dit was de winnende formule, denk ik: we doen het samen, om gezamenlijk de professionele basis te versterken en de kwaliteit te borgen.

Als bestuurslid heb ik een paar landelijke themabijeenkomsten met fvp’en mogen meemaken. Een goede manier om inzicht te krijgen in wat het familievertrouwenswerk inhoudt, wat het betekent voor de naasten die er een beroep op doen en voor de professionals die het uitvoeren. Door de jaren heen heb ik de verandering waargenomen van fvp’en als professionele éénpitters naar fvp’en die elkaar bevragen en gezamenlijk staan voor de kwaliteit en de inhoud van hun werk.

Anno 2019 is er opnieuw sprake van een onzekere periode voor de LSFVP, nu door het marktdenken dat ook in de zorg is doorgedrongen en Europese regulering van die ‘markt’. Met de grote veranderingen in de geestelijke gezondheidszorg, waardoor steeds meer mensen buiten instellingen behandeld worden, lijkt het vanzelfsprekend dat het familievertrouwenswerk ook buiten de instellingen beschikbaar is. Invoering van de nieuwe wet Verplichte GGz, die voorziet in een grotere rol voor familie en naasten, onderstreept die vanzelfsprekendheid.
Verantwoorde uitvoering van het familievertrouwenswerk vraagt een grote mate van deskundigheid op complexe terreinen als specifieke wet- en regelgeving, kennis van zorg en zorgorganisatie, kennis van psychiatrische aandoeningen en inzicht in familierelaties, kennis van de (plaatselijke regionale) sociale kaart en inzicht in de specifieke rol van de familievertrouwenspersoon en de grenzen daarvan.

Onafhankelijkheid en kwaliteitsborging zijn grote goederen die bij de LSFVP veilig zijn en niet zomaar aan een ‘marktpartij’ kunnen worden overgelaten.
Vertrouwenswerk is gebaseerd op vertrouwen, van mensen in penibele, pijnlijke, soms in hun beleving wanhopige situaties. Dit vertrouwen moet niet beschaamd worden!

Nieuws, Uitgelicht, Wvggz

23 mei: Chatsessie met IGJ over Wvggz

Op 1 januari 2020 treden de nieuwe Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) en Wet zorg en dwang (Wzd) in werking. De IGJ houdt toezicht op de naleving van deze nieuwe wetten. Heeft u vragen over hoe zij dat doen? Of waar zij zich in het toezicht op zou moeten richten?

Op donderdag 23 mei tussen 16.30 en 17.30 uur organiseert de IGJ haar eerste online Google Hangout-sessie over dit onderwerp.

Instructies om deel te nemen

Voor het deelnemen aan de sessie heeft u een Google-account nodig. Dat kan een Gmail-adres zijn, maar dat hoeft niet. Dit account kunt u aanmaken op https://myaccount.google.com/

Neem daarna de volgende stappen om deel te nemen aan het groepsgesprek:

  1. Ga naar de website van Hangouts en log in als u nog niet ingelogd bent.
  2. Start een ‘Nieuw gesprek’ door links bovenin op het groene plusje te drukken
  3. Zoek naar de naam ‘Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd’ of e-mailadres ‘inspectiegz@gmail.com’ en stuur een bericht dat je graag deel wilt nemen aan het gesprek. Wij voegen je daarna toe aan het groepsgesprek.

Heb je vragen over de instructies of de sessie? Mail dan naar communicatie@igj.nl.